Onder aan de pagina is een filmpje te vinden over een groot deel van de tekst die hier onder staat. Als je die straks nog wil zien moet je me even om een wachtwoord vragen.
Ik zal even heel kort de verschillende vluchten opzetten.
Eigenlijk is het heel simpel in te delen in;
-Introductie vluchten
-Airwork vluchten
-Pattern vluchten
De introductie vluchten waren, zoals de naam het al zegt, ter introductie. Mooi een beetje bochtje naar links, bochtje naar rechts. En of je tijdens zo'n bocht nou op de zelfde hoogte bleef, of ietdere ker 1000 foot naar benede donderde, dat maakte niet zo veel uit. aan het einde zette die vent de kist weer op de grond, en zat het er weer op.
2de vluchtje ging al heel anders. We begonnen netzo als de eerste keer met de checklisten, het opstarten van de kist en het taxien.. Vervolgends ging je onder begeleiding de takeoff in. bij 60 knopen trok je de neus wat omhoog, en klom rustig aan naar 5000 foot ( wat dus 3600 foot boven de grond is, doordat het vliegveld 1394 foot boven zee niveau ligt ( bijna 500 meter). Hier begonnen de oefeningen die ook in de rest van de beurtjes terug kwamen.
Steep turn; hierbij zet je niet zoals bij normale bochten ongeveer 30 graden rol hoek in, maar draai je door tot je 45 graden op je zij gerold bent.. hierbij is het de bedoeling dat je geen hoogte verliest of wint. De marges zijn echter 100 foot, dus je hebt wel wat speling, maar het is me al meerdere malen gelukt om het met minder dan 20 foot ( en soms zelfs 0 foot) verschil te doen.
Stall; Stall is de tweede oefening die we vaak herhalen. Deze is er in verschillende vormen. In de landings configuratie ( flaps 10/25/40 graden) of zonder flaps. Ook heb je verschil in uitvoering als je hem helemaal door trekt tot hij in de stall raakt, maar je kan ook de variant doen dat je bij een indicatie van stall al hersteld.
Een vliegtuig produceerd lift, omdat er lucht over en onder de vleugels stroomt. Door verschil in snelheid van de lucht boven en onder de vleugel ontstaat er een druk verschil die de vleugel ( en dus het vliegtuig) omhoog drukt. Zodra deze lucht stroom niet meer netjes de vleugel kan volgen ( door je neus te ver omhoo te trekken) valt dat druk verschil weg, en raakt de vleugel in de stall, wat betekend dat je geen lift meer hebt. Dit betekend op zijn beurt weer dat de neus van je vleugel als een idioot naar beneden valt, tot de lucht stroom weer goed kan blijven plakken aan de vleugel. ( zoals een waterdruppen de ronding van je hand aan de onderkant kan volgen.)
Slow Flight; Normaal gesproken heb je een kruissnelheid van 90 of 100 knopen. Bij slow flight reduceer je deze snelheid terug naar 60 knopen, en door je neus omhoog te wijzen en veel gas te geven kan je snelheid en hoogte behouden ( zoals een boot die net niet planeren gaat). Vervolgends met nog wat bochtjes.
Dan hebben we nog het stukje van het Pattern vliegen. Hier gaat het om het Traffic pattern.

Hier ben je dus eigenlijk je landingen aan het oefenen. je aanvlieg route, voorbereiding en uiteindelijk je langding.
Over een aantal uur mijn volgende vlucht. Dan gaan we ons richten op de PFL. De Practise Forced Landing. Oftewel, wat moet je doen als je motor uit valt, en waar en hoe ga je hem dan neer zetten.
Hier laat ik het weer even bij. Ik ga proberen hem wat vaker up te daten. Mocht je nog graag een indruk willen krijgen van wat ik gedaan heb, dan moet je het even melden, dan heb ik nog wel een filmpje voor je. http://www.vimeo.com/3265078 deze dus.. vraag me even om het wachtwoord..
Groeten!!!
Marf